DiepGravendeVragen – Caroline Thomas – Tuinen van Thomas

Voor de rubriek #DiepgravendeVragen ging ik langs bij Caroline Thomas. Caroline is tuinontwerper en beeldend kunstenaar. Onder de naam Tuinen van Thomas maakt ze unieke tuinontwerpen voor grote en kleinere opdrachtgevers uit de regio. Haar tuinen kenmerken zich door hun heldere, speelse, en groene karakter. Het zijn tuinen met een twist.

Caroline en ik ontmoeten elkaar op het Suikerterrein in Groningen. Caroline is namelijk betrokken bij de aanleg van een parkachtige woonwijk op het voormalige terrein van de Suikerunie fabriek. Ze vertelt: “Het basisontwerp voor het park lag er al en ik ben betrokken geraakt bij de verdere uitwerking en het beplantingsplan. Het is een project met uitdagingen, daarom vind ik het leuk en goed om te laten zien. Om te vertellen wat er allemaal bij komt kijken en dat het soms gerust zoeken is naar oplossingen.”

“Het terrein is namelijk van de gemeente en in 2030 wordt alles in principe weer weggehaald om plaats te maken voor iets anders. Ook was het een eis dat planten en bomen dan weer herplaatst kunnen worden op een andere plek. Daardoor moesten we kiezen worden voor bomen die niet te hard groeien, want dan wordt de stam te dik en is herplaatsing niet meer mogelijk. Ook de bodem is na jaren gebruik als fabrieksterrein niet ideaal. Deze is wel bewerkt, maar op sommige plaatsen helaas niet optimaal.”

Het park wordt in fases aangelegd, dus ik kom regelmatig langs. Dan kan ik zelf zien hoe de nieuwe aanplant zich houdt – zeker met de weersomstandigheden deze zomer en winter – en overleggen met de hoveniers van Hooft Hoveniers die de aanleg verzorgen. Het wordt wel héél leuk trouwens, met planten, vormen, geuren en kleuren die geïnspireerd zijn op het thema suiker. Denk dan aan beplanting met mierzoete combinaties van zachtroze en geel, naar die vierkante schuimblokken. Maar ook bijvoorbeeld cichorei die in de oorlog als surrogaatkoffie werd gebruikt of het wollige van suikerspinnen.”

Je werkt inmiddels aan dit soort mooie en grote projecten. Maar hoe ben je begonnen als tuinontwerper?

“Vroeger wilde ik eigenlijk modeontwerpster worden. Met dat doel ging ik naar de kunstacademie in Utrecht. Helaas werd ik na het eerste jaar niet toegelaten tot die richting, maar ik vond de opleiding zó leuk dat ik wel zeker wist dat ik wilde blijven. Toen heb ik de richting Fine Art (Autonoom, Ruimtelijke Vormgeving) gekozen en afgerond. Tijdens mijn studie woonde ik een tijdje in Barcelona, waar ik meer geïnspireerd werd door Land Art.”

“Tijdens de zwangerschap van ons eerste kindje kregen we de kans om een woning te kopen in onze straat in Utrecht. We zouden daardoor van een bovenwoning verhuizen naar een huis met een tuin. Die tuin heb ik helemaal nieuw aangelegd met hulp van mijn vader. Liep ik met de kinderwagen naar de ene kant van de stad voor cobblestones en naar de andere kant om planten op te halen. Ik was altijd in de tuin bezig. Onlangs ben ik trouwens nog eens in diezelfde tuin geweest: in grote lijnen is deze nog hetzelfde zoals ik hem toen heb aangelegd.”

“In diezelfde tijd kwam ik af en toe via mijn broer in aanraking met een tuinarchitect en zag ik tuintekeningen. Ik had daarvoor nooit zo beseft dat zoiets bestond, maar dacht wel: dát wil ik ook! Tekenen kan ik wel en waar ik op de kunstacademie altijd werd aangemoedigd door de docenten om groter te denken en werken, mag je bij tuintekeningen juist kleiner werken. Het zaadje was geplant, maar het duurde nog tot na onze verhuizing naar Groningen dat ik er echt iets mee ging doen. Toen zag ik in een advertentie de opleiding tot hovenier voorbijkomen waar alle onderdelen van het vak aan bod kwamen, inclusief tuintekenen. Daar heb ik mij voor aangemeld.”

Komt je vooropleiding goed van pas bij het ontwerpen van tuinen?

“Door de kunstacademie was ik gewend om te denken vanuit vorm, ruimte en kleur. Ik weet hoe je een buitenruimte kunt beïnvloeden met ruimtelijke vormen. Ik ontwerp niet opzettelijk vanuit bepaalde principes, dat wordt te bedacht. Ik werk meer op gevoel en die is goed ontwikkeld door kennis en ervaring.”

“Het is dan ook jammer dat opdrachtgevers soms afwijken van het ontwerp en bijvoorbeeld een pad recht leggen in plaats van zoals hij getekend is. Het staat ze vrij, maar het haalt de kracht uit het hele ontwerp. Ik raad het dus altijd af.”

“Tijdens de hoveniersopleiding heb ik – naast het tekenen – veel geleerd over de praktische kant van een tuin aanleggen en onderhouden. Ik zie bij sommige jonge tuintekenaars dat dat stukje ervaring ontbreekt. De opleidingen zijn in het verleden helaas behoorlijk uitgekleed. Gelukkig heeft Martin Knol (oud-docent bij het Terra College, hovenier en tuinontwerper) met een aantal anderen het initiatief genomen om het voormalige opleidingsinstituut Frederiksoord weer op te starten. Daar had ik graag heen gewild, maar de opleiding was toen net gestopt. Diepgaande kennis ontbreekt vaak. Daarom adviseer ik ook: ga stage lopen of loop mee bij een kwekerij of een hovenier.”

Wat voor soort tuinen ontwerp je graag?

“Een onderhoudsvrije tuin is meestal de eerste wens van veel opdrachtgevers. Dan zeg ik: als je een onderhoudsvrije tuin wil, neem dan een tuinman of -vrouw. Dé onderhoudsvrije tuin bestaat niet. Liever streef ik ernaar om samen met de opdrachtgever te onderzoeken hoe je een relatie kunt opbouwen met de tuin.”

“De kunst is om door te vragen. Hoe leef je? Wat doe je in het weekend? Van welke muziek hou je? Waar ga je graag naartoe op vakantie? Als je tuin je doet denken aan je favoriete vakantiebestemming, dan kan je daar lang op teren. Het gaat er om verbondenheid met je tuin te creëren. Ik ben trots op een tuintje in de stad. Het is een kleine tuin, maar daar klopt alles. De eigenaresse heeft de plek helemaal eigen gemaakt en heeft nu een fantastische band met haar tuin. Dat is waar je op hoopt.”

“Schaduwtuinen vind ik heerlijk om te maken. Geen gras, alleen maar schaduwplanten. Daarmee kan je zoveel leuke en spannende dingen doen. Het is letterlijk een onbelichte vorm van tuinieren.”

“Het moet allemaal kloppen. Bij het Suikerterrein bijvoorbeeld hebben planten ook een geurwaarde of stimuleren ze de biodiversiteit. Dat vind ik heel belangrijk, al voor ik begon met de hoveniersopleiding. Ik werk niet uitsluitend met inheemse planten, maar wel altijd voor een deel. Vooruitkijken vind ik daarbij belangrijk. Door de droogte gaan inheemse planten zoals Amelanchier het hier steeds moeilijker krijgen. Veel beuken hebben het nu al zwaar. Wat vroeger in de Parijszone bloeide was hier niet toepasbaar, terwijl er nu meer beplanting mogelijk is dan je denkt. Hoewel ik een olijf hier niet snel naar toe zal halen.”

Heb je bedrijven waar je veel mee samenwerkt?

“Ik werk graag samen met Hooft hoveniers. Ik ben een kunstenaar en kan soms wel eens eigenwijs zijn. Zij snappen dat en hebben eenzelfde soort lef. We werken meestal samen aan de wat grotere projecten. Het is fijn om korte lijntjes te hebben en er tijdens de uitvoering bovenop te zitten. Dan kan je snel anticiperen als dat nodig is.”

“Maar er zijn ook samenwerkingen met andere tuinontwerpers of -architecten. Via het toenmalige Ontwerpinstituut heb ik onder andere een verdiepingscursus Ontwerpen met Beplantingen gedaan waarmee ik vervolgens de parfumtuin op het Franse tuinenfestival heb mogen realiseren. Sanne Horn verzorgde deze enorm leerzame cursus. Met Angela Warmerdam van Angela’s Tuinen die ik bij Het Ontwerpinstituut leerde kennen, verzorg ik een paar keer per jaar het kantinegesprek in Apeldoorn. Dat zijn inspiratiebijeenkomsten voor mensen uit de groensector, waar zelfs publiek uit België op af komt.”

“Tot slot werk ik regelmatig met Peter Bruinen en Pieter Hoven. Zij hebben me ook geholpen bij de aanleg van mijn Parfumtuin in Chaumont-sur-Loire.”

Ja, kan je daar meer over vertellen?

“Ik ken het Festival des Jardins in Chaumont-sur-Loire al sinds 1999 via een BBC programma. Altijd als we in Frankrijk waren wilde ik er per se heen. In 2018 sprak ik iemand over de voorwaarden voor deelname. Ik had toen al een inspiratietuin in Appeltern gemaakt en had daardoor het vertrouwen gekregen om een showtuin te kunnen maken. Na dat gesprek dacht ik: dat lukt me!”

“Tijdens de cursus van Sanne Horn had ik een ontwerp gemaakt voor de tuin van een fictief museum. Een parfum museum in Parijs. Wat volgde was een heel onderzoek naar geurfamilies, geurnoten en hoe een parfum wordt opgebouwd. Hierbij ging het om een ontwerp met alleen bladplanten, de geur komt vrij wanneer je het blad kneust. Dat ontwerp heb ik verder uitgewerkt naar het populaire boek ‘Het Parfum’ van Patrick Süskind. Ik verzette me vroeger een beetje tegen de hype rondom dat boek, maar ben het uiteindelijk toch gaan lezen en heb het hoofdstuk voor hoofdstuk ontleed. Alle planten die in het boek worden beschreven en als geurstof -essence- worden gebruikt in parfums, vormden de basis voor de showtuin in Frankrijk.”

De tuin werd verdeeld in zones, naar elke geurfamilie. Bijvoorbeeld de Citrus geuren. Het ontwerp paste goed bij het thema: paradijselijke tuin. Als je denkt aan het paradijs denk je aan water, sinaasappel, geur en fruit. Er waren heel veel inzendingen, maar ik werd toch geselecteerd. Dat was tot nu toe mijn mooiste ervaring op tuingebied. Echt een hartenwens die uitkwam.”

Naar aanleiding van die tuin maakte je later ook nog een geurtuin voor het tijdschrift Groei & Bloei.

“Klopt. Ik heb toen speciaal voor Groei & Bloei een geurtuin ontworpen. In eerste instantie wilde de redactie alleen een borderontwerp, maar dan mis je de beleving en kan je niet spelen met verschillende typen planten zoals schaduwplanten. Het is een volledig nieuw ontwerp geworden, maar ik heb wel planten gebruikt die ook in Frankrijk in de tuin stonden.”

Heb je zelf trouwens favoriete planten of bomen?

“Ik heb Gaura altijd een mooie plant gevonden. Prachtkaars is luchtig en bloeit heel erg lang. Het is helaas niet altijd zo’n betrouwbare plant, maar soms heb je met een zachte winter geluk. Of zaait de plant zich uit. Mijn advies is een nieuwe aan te schaffen als hij wegvalt. Voor de prijs van een bosje bloemen heb je een zomer lang deze geweldige plant in je tuin.”

“Ook heel mooi en helaas ook niet zo betrouwbaar met vorst en kou is Salvia guaranitica ‘Black and Blue’. Het grootste probleem is vooral de combinatie van veel vocht en daarna vorst. Het mooiste grasje vind ik Miscanthus nepalensis. In het avondlicht lijkt hij wel puur goud. Hij heeft een schitterende gloed. Echt heel mooi.”

Tot slot, heb je nog tips voor tuintrends die gaan komen de komende jaren?

“Nou, ik ben eigenlijk niet zo van de trends. Voor mezelf hoop ik dat opdrachtgevers vaker durven te kiezen voor meer beplanting: sterke bomen, bloeiende struiken en waardevolle planten voor mens en dier. Én dat er minder plastic in de tuin beland. Er waren mooie ontwikkelingen met composteerbare plantenpotjes, maar dat staat nu helaas weer een beetje stil.”

“Maar trends… Ik vind vooral dat je je eigen pad moet volgen. Ga op je je eigen inzicht af. Liefst zo natuurlijk mogelijk. Doe wat je zelf wil en negeer wat een ander daarvan denkt. Kies voor kleuren en combinaties waar je zelf blij van wordt en niet omdat ze in de mode zijn.”

“Eigenlijk is dát gewoon mijn tip: wees jezelf en volg de trends niet!”

Benieuwd geworden naar de ontwerpen van Caroline? Je vindt ze op www.tuinenvanthomas.nl!

Op 26 mei 2024 kan je haar bovendien ontmoeten in haar studio tijdens de BiotOPENdag in de Biotoop Haren!